• Monumenten maken meer waarde  Minister Bussemaker van Cultuur wijst 89 nieuwe Nederlandse rijksmonumenten aan    De week daarop kondigde minister Teeven aan een tiental monumentale gevangenissen te zullen sluiten en af te stoten. Het is een publiek geheim dat het rijk de komende jaren nog eens 2000 monumenten die invoormalig Elsevier A10

kantoren of monumenten?

Monumenten maken meer waarde

 Minister Bussemaker van Cultuur wijst 89 nieuwe Nederlandse rijksmonumenten aan

 

 De week daarop kondigde minister Teeven aan een tiental monumentale gevangenissen te zullen sluiten en af te stoten. Het is een publiek geheim dat het rijk de komende jaren nog eens 2000 monumenten die in rijkseigendom zijn, op de markt gaat brengen. Ondertussen staren gemeenten zich blind op de kantoren leegstand en zij niet blij dat deze vloed aan rijksmonumenten over hen heen komt. Een keuze tussen kantoren of monumenten wordt onvermijdelijk.

 

Onder de nieuwe monumenten zijn een aantal karakteristieke gebouwen zoals het Evoluon in Eindhoven en de Doelen in Rotterdam. Andere Rijksmonumenten, zoals het Defensiemuseum in Delft, de Blokhuispoort in Leeuwarden en de Onze Lieve Vrouwe kerk in Veere, zijn door het rijk aan de gemeenten aangeboden om over te nemen. Vooralsnog hebben deze gemeenten dit aanbod afgewezen omdat de prijs die het rijk daarvoor vraagt buitensporig is en de kosten voor onderhoud torenhoog zijn.

 

Bij de gemeenten gaat momenteel alle aandacht uit naar de bestrijding van kantoren leegstand.  Je kan je afvragen of de kantorensector, die zichzelf in problemen heeft gebracht, deze aandacht en investeringen wel verdient. Kosten noch moeite worden gespaard om de meest onaanzienlijke en vaak slecht gelegen kantoren om te zetten in broedplaatsen, hotels, jongerenhuisvesting of creatieve hotspots, terwijl monumenten voor dergelijke functies veel interessanter zijn. Strijp S en de Timmerfabriek in Eindhoven, de NDSM werf in Amsterdam en het Verkadefabriek in Den Bosch, hebben bewezen dat monumenten geheide waardemakers zijn.

 

De economische waarde van monumenten is onlangs onderbouwd door  onderzoek van de Vrije Universiteit en de Universiteit Twente. Zij tonen aan dat mensen graag meer, tot zelfs 20% extra, willen betalen om te wonen in een monument. Het opknappen van het monument verhoogt tevens de waarde van woningen in de directe omgeving van een monument. Dat is in deze tijd uitzonderlijk. Daar komt nog bij dat de bewoners vaak hoogopgeleid zijn. Erfgoed en monumenten zijn echte trekkers als het erom gaat meer creatieve hoogopgeleiden en technologisch geschoolden naar de stad te trekken. Als zesde land op de wereld innovatie ranglijst heeft Nederland juist deze mensen hard nodig.

 

Dat zorgt ook nog eens voor oplevende buurteconomie met specialiteitenwinkels, een koffiebar, flexplekken of een restaurant. Dit geldt ook voor industrieel erfgoed, schoolgebouwen of kerken. Wat mensen belangrijk vinden is een gebouw met karakter, met een verhaal en ruimte waar ze zelf een stempel op kunnen drukken. Op deze manier ontstaan nieuwe iconen, plekken waar mensen naartoe trekken omdat monumenten een verhaal vertellen over de stad en het sociale weefsel.

 

Monumenten kunnen wel een stuk ‘ondernemender’ worden aangepakt door de exploitatie voorop te stellen. Dat kan in de vorm van Collectief Particulier opdrachtgeversschap van gebruikers of middels Cooperatie. Dit type ondernemende oplossingen past bij de tijd van een terugtrekkende overheid en zelforganisatie van burgers. De gemeente is veel beter dan het rijk in staat monumenten een passende bestemming te geven en de samenleving te betrekken. Ze kan belemmeringen in de regelgeving wegnemen en zo het hergebruik stimuleren.

 

Het meest knellende probleem bij de duizenden monumenten die eraan komen is de financiering. Er zijn gespecialiseerde fondsen nodig om risico’s spreiden en laagrentende leningen verschaffen aan gebruikers/ondernemers met een goed plan. Zo worden banken verleid tot mede-financiering tegen een redelijke rente. Het zou enorm helpen wanneer de rijksoverheid de  beschikbare fondsen voor beheer en onderhoud van rijksmonumenten zou overhevelen naar een revolving fund voor financiering van monumenten. Hetzelfde geldt voor provincies die de opbrengsten van de verkoop van energiegelden nu eenmalig investeren.

 

Het Rijk moet kiezen tussen monumenten voor een hoge prijs leeg laten staan of deze een bestemming te laten krijgen die past bij de steden waar zij staan. De lokale politici moeten ook kiezen voor ‘waardevolle’ herontwikkeling van monumenten of voor het overnemen van de risico’s van de kantorensector. Als het spel door alle partijen goed gespeeld wordt zijn er alleen maar winnaars.

 

Jeroen Saris, de Stad bv

Simon van Dommelen, zelfstandig adviseur

Cees-Jan Pen, Platform 31 en lector vastgoed Fontys Hogescholen

 

Auteurs nieuwe publicatie Cultureel Erfgoed op Waarde Geschat. Economische waardering, verevening en erfgoedbeleid. Uitgave: Platform31.